Archeo Workshops, Middelbare school

Kaartopdracht Calvijncollege

Projecten

Op vraag van en in samenwerking met dhr. van der Dussen van het Calvijncollege werd een eerste workshop voor de middelbare school uitgewerkt. Deze bestaat uit een kaartopdracht met vragen en een doe-opdracht in de vorm van archeologische boringen. Voor het Calvijncollege werd een fraaie 17e-eeuwse kaart van de stad Middelburg gekozen. Erg interessant want de leerlingen konden op die manier het oude en nieuwe Middelburg, waar ze dagelijks komen, vergelijken. Dhr. van der Dussen schreef een enthousiast verhaal in de schoolkrant en gaf ons toestemming zijn verslag hier op onze website te publiceren. Een leuke en boeiende ervaring!

 

Archeoloog vertelt leerlingen over geschiedenis Middelburg


“Waar zou dit binnenwater voor zijn gebruikt?”, vraagt archeoloog Bram Silkens, wijzend naar de oude ‘Goliath-kaart’ van Middelburg. “Als aanlegplaats voor schepen?”, oppert een leerling. “Nee, voor drinkwater!”, zegt een ander. De leerlingen kijken verbaasd op als Bram vertelt dat het zogenaamde ‘molenwater’ werd opgehoopt en bij lage waterstand werd gebruikt als toiletspoeling om de grachten schoon te spoelen. De grachten waren immers heel wat minder proper dan nu het geval is.

 

In de afgelopen periode hebben Bram Silkens en Bernard Meijlink van de Walcherse Archeologische Dienst (WAD) op locatie Middelburg boeiende workshops verzorgd voor de klassen 1b en 1d over de geschiedenis van de stad. Deze geschiedenis hebben de leerlingen ontdekt aan de hand van een  stadsplattegrond van Middelburg die dateert uit ca.1680, getekend door Cornelius Goliath. Het project werd afgesloten met proefboringen in de directe omgeving van de school.

 

Ringwalburg en kerk
“Wie heeft er wel eens van een  Ringwalburg gehoord?” Niemand steekt zijn vinger op. Bram wijst de leerlingen op de ring die op de kaart van Middelburg duidelijk te zien is. Meer dan duizend jaar geleden was hier een burg, een ringburgwal. Aan de hand van fraai beeldmateriaal construeert Bram een beeld van het verleden: een ‘dorpje’ met daaromheen een versterkte ring met een verhoogde wal. Deze versterking was nodig omdat er op Walcheren voor de plunderende Vikingen spullen te halen waren! Bram legt uit dat er drie ringburgwallen op Walcheren te vinden zijn. Eén van de leerlingen uit Oost-Souburg vertelt na het verhaal van Bram enthousiast dat hij nu weet waar de ringburgwal in zijn eigen woonplaats te vinden is.


Bram vertelt de leerlingen dat er een grote kerk heeft gestaan voor het huidige stadhuis van Middelburg. De kerk visualiseert Bram met behulp van een digitale 3d-reconstructie, die ontwikkeld is aan de hand van recente opgravingen. Bram schetst een beeld van nauwe straatjes rondom de kerk. In de tijd dat de kerk er nog stond, was er niet zoveel ruimte om een markt te houden zoals nu het geval is. Bram vertelt enthousiast dat er nog steeds aan de reconstructie wordt gewerkt. Straks is het mogelijk om door de verschillende periodes heen te reizen om de situatie van toen te bekijken: ‘Wordt tof’.

Meer dan spitten

Bram vraagt zich af of leerlingen misschien het beeld hebben dat archeologen alleen maar in de grond aan het spitten zijn. Kaarten bestuderen hoort er ook bij. “De kaart is mijn handleiding! Waar vroeger iets getekend is, daar moet ook iets te vinden zijn!”

 

In de laatste les nemen Bram en Bernard, gewapend met een guts en grondboor, de leerlingen mee het veld in. Om de beurt gaan de leerlingen met een grondboor aan de slag. Nieuwsgierig kijken de  leerlingen toe om te zien wat er naar boven komt. Bram laat na enkele slagen de leerlingen de grond zien en vertelt waarom hij denkt dat er sporen van menselijke activiteiten zijn aangetroffen. Een jongen geeft ook een paar slagen aan de grondboor, waarna er wat gekraak klinkt. “Misschien wel een schat”, grijnst een leerling. “Of een schedel”, oppert een ander. Nadat het gat diep genoeg is, gaan de archeologen de grond inspecteren met de guts. “Bah”, zegt een van de leerlingen als de guts weer uit de grond wordt gehaald. “Het ruikt naar rotte eieren”, zegt Bernard lachend, doelend op de veengrond die naar boven is gehaald. De archeologen leggen met behulp van de guts de opbouw, kleur en structuur van de opgeboorde grondlagen uit. Het blijkt dat een deel van de geschiedenis van Walcheren terug te zien is in het grondpatroon. De leerlingen kijken verbaasd wanneer wordt aangewezen waar de niveaus van de Romeinse tijd en de Middeleeuwen zich in de grond bevinden. Uitgebreid wordt verteld welke informatie de kleigrond en de veengrond ons geven over het verleden. De leerlingen mogen wat klei vasthouden en er in knijpen om de verschillen te voelen. Na de uitgebreide kennismaking met de grond, het voelen en ruiken van de geschiedenis, blijven de vragen niet uit: “Hoe komt het dat de grond zo ‘gegroeid’ is?, Waarom stinkt de veengrond zo?, Wat is uw meest kostbare opgraving geweest?”. Leerlingen willen er meer van weten. Deze ontmoeting met een andere wereld ‘smaakt naar meer’.

 

J.A. van der Dussen
docent geschiedenis